fbpx

We kunnen nooit vrede bereiken
in de wereld,
alvorens we eerst vrede
hebben gemaakt binnenin onszelf.
Dalai Lama

Een jonge dame wachtte op haar vlucht in de vertrekhal van een groot vliegveld. Ze moest vele uren wachten en besloot een boek te kopen om de tijd door te komen. Ook kocht ze een pakje koekjes. Ze zat in een armstoel in de VIP ruimte van het vliegveld om te rusten en rustig te lezen. Naast de leunstoel waar het pakje koekjes lag, in de volgende stoel zat een man. Hij sloeg een tijdschrift open en ging lezen.
Toen zij het eerste koekje nam, nam de man er ook één. Zij voelde irritatie maar zei niets. “Wat een durf”, dacht ze en ze was in staat hem een opduvel te verkopen. En telkens als zij een koekje nam, nam hij er ook één. Het maakte haar woedend, maar ze wilde er geen scène van maken.
Toen er nog één koekje over was dacht ze: “Ah… Wat zal die man nu doen?” Toen nam de man het laatste koekje, brak het in tweeën en gaf haar een helft. Ah! Dat was te veel! Nu was ze woedend! Nijdig pakte ze haar boek, haar andere spullen en rende naar de incheckplaats.
Toen ze in haar stoel zat in het vliegtuig, keek ze in haar tas om haar bril te pakken, en tot haar verbazing zat het pakje koekjes daarin onaangeroerd en niet geopend. Ze voelde zich beschaamd, en ze realiseerde zich dat ze fout was. Ze was vergeten dat haar koekjes nog in haar tas waren.
De man had zijn koekjes met haar gedeeld zonder een gevoel van ergernis of bitterheid. Terwijl zij kwaad was omdat ze dacht dat zij haar koekjes deelde met hem. Nu had ze geen kans meer om het hem uit te leggen en haar verontschuldiging aan te bieden.

Tumult van rookwolken maken de ander klein
Dit verhaal is een mooie illustratie van wat ons mensen vaak overkomt: we interpreteren wat we om ons heen zien of horen en maken van deze interpretatie vervolgens dé waarheid. We worden gestuurd door de wind van onjuiste aandacht en in een tumult van rookwolken spuwen we het vuur van onze woede uit … en zien achteraf welke schade we berokkend hebben. Dit soort van opvliegende woede schat dus de werkelijkheid verkeerd in. En meteen zetten we ons in een superieure positie waarbij we er heilig van overtuigd zijn dat wij gelijk hebben, de anderen ongelijk en dat zij moeten veranderen. Onder invloed van woede selecteren we een paar negatieve details en maken zo een beperkt beeld van iemand. Zoals de vrouw een beperkt beeld van de man creëerde en vanuit dit beeld de werkelijkheid inkleurde. Pas op het moment dat ze ontdekt dat haar beeld van hem niet klopte, kon ze de vaststaande mening over hem los laten. Het vasthouden aan en het koesteren van een vaststaande onjuiste mening over iemand geeft achterdocht en voortdurende ellende. Ben je kwaad op iemand, dan kan hij geen goed doen. Elke kleinigheid is een bewijs dat jouw negatieve beeld van hem juist is.

Alleen mijn problemen tellen
Woede schat de werkelijkheid ook verkeerd in, in die zin dat hij een situatie niet evenwichtig waarneemt, maar door de vervormende filter van ‘mij, ik, mijn, het mijne’. Al ben je geneigd te denken dat, zoals een situatie zich aan jou voordoet die ook echt objectief bestaat buiten je, eigenlijk zie je hem in je woede door de filter van je egocentrisme. Vanwege deze ingewortelde egocentrische kijk lijkt alles wat er in relatie tot mij gebeurt ongelooflijk belangrijk. Ik denk de hele tijd aan mijn problemen en niet aan die van anderen. Misschien zijn er ergens mensen aan het doodgaan van de honger, misschien zit mijn buurman middenin een vreselijke scheiding en wordt er bij een andere collega kanker vastgesteld en erken ik die ellende heel eventjes, maar daarna ga ik over tot de echte crisis: mijn woede. Dit lijkt op het eerste gezicht wat banaal of niet serieus, maar kijk je goed naar wat je de hele tijd denkt, dan zie je dat jouw problemen, jouw leven – alles wat op de één of andere manier verband houdt met mij – op de eerste plaats komt.

Omgaan met woede door acceptatie ervan
In het huidige moment van woede draait de wereld dus helemaal om jouw en moet vooral de ander veranderen. Als je daar bij kan zijn, hier en nu, zoals je woede zich voordoet, zonder het verder in te kleuren met je oordelen en gedachten, dan kan die woede transformeren.
Door bij je woede te zijn en het volledig te acccepteren, te laten zijn zoals het is, geef je het ruimte. Door erover te gaan denken zet je het vast, maak je er een concept, een gestolde waarheid van. ‘Deze afschuwelijke pijn’, ‘dit ondraaglijke verdriet’, ‘deze hopeloze situatie’. Voel je hoe je de zaak daar meer kwaad dan goed mee doet? Die predikaten, die labels, die oordelen: haal ze er liever af.
Er is woede. Dat moet je zeker serieus nemen. Dat doe je door je adem te gebruiken om je bewust te worden van wat er zich in jou kenbaar maakt. Accepteren dat dit,op dit moment, het leven is. Vriendelijk accepteren, zonder oordeel.
Door je boosheid te accepteren, ga je voelen dat jij degene bent die kwaad is. Vanuit dit voelen kan je je agressie voelen stromen en erkennen dat het jouw boosheid is. Zo verleg je je aandacht van de ander naar jezelf. Vervolgens kan je vanuit deze positie helder kijken naar wat je in deze situatie te doen hebt.